SCHRIJVER:  “LEONIE BOUWMAN”

Dit boek gaat over mijn persoonlijke ervaringen. Over mijn leven in een gezin waarin mijn weinig empathische vader een allesoverheersende rol speelde. Maar ook gaat dit boek over hoe ik ondanks mijn vader tot een levend geloof ben gekomen in een persoonlijke God. Een hemelse vader die in tegenstelling tot mijn aardse vader wel onvoorwaardelijk van mij houdt.

Het boek leest alsof de auteur zo kwaad was op haar weinig empathische vader dat ze een portret van hem van de muur heeft gepakt en het aan diggelen heeft gegooid op de grond. Vervolgens heeft ze de afzonderlijke scherven opgepakt en beschreven. Aan sommige scherven heeft ze zichzelf lelijk gesneden en om een ander stuk kan ze een beetje glimlachen. Alle fragmenten, scherven vormen bij elkaar een mozaïek van haar leven met haar narcistische vader. Het boek is uiteindelijk een raamwerk geworden dat zich steeds verder sluit en zo gaat benauwen dat het wel tot een uitbarsting moet komen: nu is het genoeg geweest. Maar ook dan blijkt dat een narcistische vader gewoon doorgaat om zijn wil aan zijn vrouw, kinderen en zelfs kleinkind op te leggen.
Het is een indrukwekkend levensverhaal. Het boek bevat ook eigen gedichten die een reflectie zijn op haar ervaringen. Leonie beschrijft in haar boek dat ze liever eerder had geweten wat narcisme is en wat het met levens kan doen. Dat had haar misschien veel ellende kunnen besparen.